Therapeutische vergissingen

 
 
Van de 55.254 oproepen, die het Antigifcentrum in 2016 kreeg, waren er 20.732 of 46 % die te maken hadden met blootstelling aan geneesmiddelen. Bij 7.351 oproepen was er sprake van therapeutische vergissingen. De slachtoffers waren 4.320 volwassenen (58,5%) en 3.063 kinderen (41,5%). Zowel bij kinderen als volwassenen zijn overdoseringen (4.583 slachtoffers) de meest voorkomende therapeutische vergissingen, gevolgd door productvergissingen (1.995 blootstellingen). Vergissingen betreffende een verkeerde innameweg waren goed voor 443 slachtoffers. Zeldzaam (147 blootstellingen) zijn therapeutische vergissingen doordat de vervaldatum van een geneesmiddel is overschreden. Algemeen genomen zijn de gevolgen van vergissingen rond de vervaldatum te verwaarlozen. Bij kinderen leiden vooral koortsremmers en pijnstillers (op basis van paracetamol en ibuprofen), hoestsiropen en neusdruppels tot therapeutische vergissingen. Bij volwassenen zijn het meestal antidepressiva en slaapmiddelen waar vergissingen mee gebeuren, gevolgd door cardiovasculaire geneesmiddelen en pijnstillers.
 
 
 
 

Behandeling

Hebt je je vergist in het nemen of toedienen van een geneesmiddel? Neem dan contact op met het Antigifcentrum (070 245 245), je huisarts of je apotheker.

 
 
 
 

Risico

De meest voorkomende therapeutische vergissingen zijn:

  • Vergissingen in het gebruik van een doseerpipet bij geneesmiddelen voor kinderen: de leeftijd en het gewicht van het kind worden verwisseld in het toe te dienen aantal milliliter.
  • Vergissingen in het gebruik van lepels voor het toedienen van siropen. Er wordt bijvoorbeeld een soeplepel in plaats van een koffielepel siroop gegeven.
  • Het toedienen van geneesmiddelen voor volwassenen aan kinderen. Bijvoorbeeld: een zetpil voor volwassenen toedienen aan een kind.
  • Een gebrek aan overleg tussen zorgverleners (bvb. ouders): eenzelfde medicament wordt kort na elkaar twee keer toegediend door verschillende personen.
  • Verkeerd begrijpen of interpreteren van de instructies die de apotheker geeft.
  • Verkeerd begrijpen of interpreteren van het doktersvoorschrift.
  • De exacte dosering (posologie) van het geneesmiddel niet volgen: zo zijn er geneesmiddelen die één keer per week genomen moeten worden en die verkeerdelijk elke dag worden genomen.
  • Vergissingen rond het innemen van geneesmiddelen, waarvan de verpakkingen op elkaar lijken: deze vergissingen gebeuren vaak 's avonds en 's nachts door vermoeidheid en gebrek aan verlichting, bijvoorbeeld verwisselen van ontsmettingsmiddelen en hoestsiropen.
  • Geheugenproblemen bij oudere mensen, die uit vergetelheid een dosis te veel of te weinig nemen.
  • Overdosering bij intense pijn (bijvoorbeeld tandpijn), waardoor geneesmiddelen met onvoldoende tussentijd worden genomen. Dit kan leiden tot een ernstige vergiftiging. Medisch advies is hier altijd noodzakelijk.