Vergiftiging van honden door chocolade wetenschappelijk bekeken

Deze tekst is bedoeld voor professionelen. Het is mogelijk dat u niet alle gebruikte termen begrijpt. 

Als u eigenaar bent van een hond die chocolade heeft gegeten, klik dan hier om te weten te komen wat u moet doen.

Theobromine geeft een stimulatie van het centraal zenuwstelsel en de hartspier. Daarnaast geeft het een relaxatie van de gladde spieren (vooral de bronchiale) en een verhoogde diuresis. De dood kan optreden 18 tot 24 uur na het optreden van de ritmestoornissen. Er is geen antidoot. De behandeling is symptomatisch. 

Inleiding

Chocolade wordt gemaakt van cacao. Cacao bevat een grote hoeveelheid theobromine. Het is deze stof, die verantwoordelijk is voor de vaak ernstige vergiftigingen bij honden.

Honden eten heel graag chocolade en zo krijgen we jaarlijks melding van verschillende gevallen van vergiftigingen. De symptomen kunnen heel ernstig zijn, afhankelijk van de ingenomen hoeveelheid en het soort chocolade.

Theobromine behoort tot de groep van de methylxantines. Hiertoe behoren ook cafeïne en theofylline. Deze plantaardige alkaloïden geven een stimulatie van het centraal zenuwstelsel en de hartspier. Daarnaast geven ze een relaxatie van de gladde spieren (vooral de bronchiale) en een verhoogde diuresis (1).

Kinetiek

Theobromine wordt bij honden traag geabsorbeerd.

Plasmapiek: ongeveer 10 uur.

Half-leven: ongeveer 17.5 uur.

Toxiciteit

Lethale dosis:  De laagst gekende LD is 80 mg theobromine/kg lichaamsgewicht (2).

Zoals voor andere stoffen is er waarschijnlijk een groot verschil in toxiciteit tussen de verschillende hondenrassen. Een studie van Gans (3) bij honden van "mixed breed" gaf een lethale dosis van meer dan 200 mg/kg. Van de 19 honden die 200 mg/kg kregen overleed er geen enkele. Van de 4 honden die 300 mg/kg kregen, overleed er één.

Toxische dosis (4):

  • 20 mg/kg: lichte symptomen.
  • 40 mg/kg: ernstige symptomen.
  • 60 mg/kg: convulsies.

Onderstaande tabel geeft de concentratie van theobromine in in mg/g van enkele producten (5) en de hoeveelheid chocolade (afgerond) om aan een dosis van 20 mg/kg te komen voor honden van respectievelijk 10 en 20 kg:

Type                                mg/g                    Hond 10 kg            Hond 20 kg          
Witte chocolade0,00922 kg45 kilogram
Oploschocolade0,5400 gram800 gram
Melkchocolade1 - 2,195 gram190 gram
Pure chocolade4,5 - 8,823 gram46 gram
Cacaopoeder5,3 - 8,85 gram10 gram
Cacaobonen10 - 544 gram8 gram

 

Kliniek

(6)

Na 2 – 4 uur:

  • Onrustig.
  • Braken.
  • Urineverlies.
  • Diarree.
  • Tachycardie.
  • Hyperthermie.
  • Polypneu.

Enkele uren daarna:

  • Hartritmestoornissen.
  • Spierstijfheid.
  • Hyperreflexie.
  • Ataxie.
  • Convulsies.
  • Coma.

De dood kan optreden 18 tot 24 uur na het optreden van de ritmestoornissen.

Therapie

(6)

Er is geen antidoot. De therapie is dus symptomatisch. Indien de inname recent is (< 2 uur) en er geen symptomen zijn, is braken aangewezen. Bv. door apomorphine 0,05 mg/Kg IV of IM, 0,1 mg/Kg SC.

Daarna is herhaald actieve kool aangewezen: 0.5 g/kg po of via een maagsonde iedere 3 uur gedurende 72 uur.

  • Bij convulsies: diazepam 0,5 – 2 mg/kg IV.
  • Frequente premature ventriculaire contracties: Lidocaïne startdosis: 1–2 mg/kg IV. Daarna: infuus 40 – 60 µg/kg/minuut.
  • Persisterende tachyaritmie: metoprolol 0,1 mg/kg 3 mpd (PS: beter geen propanolol, dit vertraagt de uitscheiding van theobromine (7)).
  • Bradycardie: atropine 0,004 – 0,008 mg/kg im of sc.

Liefst geen corticoïden of erytromycine, dit vertraagt de uitscheiding van theobromine.

Literatuur

  1. Osweiler G.D., Toxicology. Philadelphia, Williams & Wilkins, 1996, p 307-309.
  2. Strachan E.R., Bennett A. Theobromine poisoning in dogs. Vet Rec. 1994 Mar 12; 134 (11): 284.
  3. Gans J.H., Korson R., Cater M.R., Ackerly C.C. Effects of short-term and long-term theobromine administration to male dogs. Toxicol Appl Pharmacol. 1980 May; 53(3): 481-96.
  4. Revisited treatment doses for chocolate. VPISglobal 2014.
  5. Bates N., Rawson-Harris P., Edwards N., Common questions in veterinary toxicology. J Small Anim Pract. 2015 May; 56 (5): 298-306.
  6. Dolder L.K., Methylxantines. In Peterson ME, Talcott PA: Small Animal Toxicolog. Elsevier Saunders, 2013, 647-651.
  7. Campbell A. and Chapman M., Handbook of Poisoning in Dogs and Cats. Oxford, Blackwell Science, 2000 p 106-110.