CO-risico’s doorheen de woning

In een woning vormen verwarmingstoestellen en installaties voor de productie van warm water mogelijke bronnen van CO. De voornaamste risico’s voor een CO-intoxicatie worden kamer per kamer bekeken. 

De badkamer

In België gebeuren de meeste CO-intoxicaties in de badkamer. De badkamer is dikwijls een kleine ruimte die goed verwarmd en weinig verlucht wordt en waarvan de lucht vaak verzadigd is met waterdamp. De meeste ongevallen gebeuren met badgeisers op gas. Er bestaan badgeisers van het type B en het type C.

De badgeiser van het type B

Deze badgeiser gebruikt de lucht in de badkamer voor de verbranding. De verbrandingsgassen worden afgevoerd langs een schoorsteen.

Nieuwe toestellen van het type B mogen niet geplaatst worden in een slaapkamer, badkamer, doucheruimte of een toilet.

Het vervangen van een toestel van het type B opgesteld in een slaapkamer, badkamer, doucheruimte of toilet door een toestel van hetzelfde type is verboden sinds 2015. Bestaande toestellen mogen in bedrijf blijven voor zover hun luchttoevoer en de afvoer van verbrandingskassen voldoet aan de gestelde eisen. 

 

Wat je moet nakijken:

  • Of de badgeiser voorzien is van een beveiliging. Alle toestellen geproduceerd na 1995 zijn voorzien van een terugslagbeveiliging (TTB of Thermische Terugslag Beveiliging). Kijk op de identificatieplaat of de productiedatum na 1995 valt. Indien er terugslagbeveiliging is, is er in principe geen enkel gevaar: bij terugslag schakelt het toestel zichzelf uit. Toestellen van voor 1996 worden best vervangen.
  • Of de deur van de badkamer voorzien is van een ventilatierooster. Er moet een niet afsluitbare opening voor luchttoevoer zijn van minimum 150 cm2. Dit rooster moet volledig vrij zijn. Hierdoor wordt de lucht voor de verbranding aangevoerd.
  • Of de waakvlam blauw is. Een oranje kleur bij een gastoestel betekent dat er een onvolledige verbranding is. In dit geval moet een vakman gecontacteerd worden.
  • Of het apparaat geen sporen bevat van corrosie, roest of roet.
  • Of de aansluiting op het rookafvoerkanaal intact is en het traject van dit kanaal zo verticaal mogelijk is. Bochten en horizontale stukken in het afvoerkanaal verstoren de trek en bevorderen de vorming van condensatie.

 

Opgepast: het gelijktijdig functioneren van een afvoerventilator of van een droogkast met afvoer naar buiten samen met een badgeiser kan de trek verstoren en zelfs terugslag van verbrandingsgassen in een lokaal teweegbrengen.

 

Meer weten over technische aspecten, via deze link (kijk zeker naar ‘Gasinstallaties: verbranding en toestellen – Handboek’).

De badgeiser van het type C

Dit is een toestel waarvan de kring van de verbrandingsproducten hermetisch gesloten is ten opzichte van de opstellingsruimte: de lucht nodig voor de verbranding wordt buiten gehaald en de verbrande gassen worden weer naar buiten afgevoerd. Het toestel functioneert dus volledig onafhankelijk van de lucht in de kamer. Er is geen opening ter hoogte van de waakvlam en is er geen enkel risico op CO-intoxicatie.

Er bestaan ook keukengeisers op gas, die niet aangesloten zijn op een schoorsteen. Deze toestellen mogen nooit gebruikt worden voor de verwarming van water voor een douche of bad

De garage

In een garage, zijn de meeste intoxicaties te wijten aan het inademen van de uitlaatgassen van een auto. Deze uitlaatgassen kunnen tot 8 % CO bevatten. In zulke omstandigheden bereikt men snel een levensgevaarlijke concentratie van CO in de lucht. De motor van een auto mag nooit blijven functioneren in de garage.

Het gebruik van een stroomgenerator binnenshuis of elk ander apparaat aangedreven door een benzinemotor kan eveneens een CO-intoxicatie veroorzaken. Vaak wordt de vergissing gemaakt te denken dat een open garagepoort voor voldoende verluchting zorgt. Wanneer in de garage een machine op benzinemotor wordt gebruikt, zal dit apparaat de zuurstof in de garage opgebruiken en via de open poort zal er verse lucht aangevoerd worden zodat de machine kan blijven functioneren. Omdat er geen luchtstroom aanwezig is, zullen de uitlaatgassen van de benzinemotor niet geëvacueerd worden en zich blijven ophopen in de garage. Een goede ventilatie vereist steeds een ingang voor verse lucht en een uitgang voor verbrandingsgassen!

Wanneer het weer tegenvalt wordt de brandende barbecue soms in de garage gezet. Een goede barbecue vereist smeulende as. Dit is een onvolledige verbranding die zeer veel CO produceert. Zelfs met een open garagepoort zal de CO zich opstapelen in de garage. Deze praktijk is gevaarlijk!

In sommige huizen bevindt de installatie voor de centrale verwarming zich in de garage. Als de verwarmingsketel hier geïnstalleerd wordt, is het belangrijk toe te zien op voldoende verluchting van die ruimte en het regelmatig onderhoud van de installatie.

De slaapkamer

Het ontstaan van CO in een slaapkamer vormt een bijzonder probleem, omdat iemand die slaapt zich niet zal realiseren dat hij of zij door rookgassen vergiftigd wordt en zichzelf dus ook niet zal kunnen redden.

Verplaatsbare verwarmingstoestellen

Verplaatsbare toestellen op petroleum of butaangas gebruiken de lucht van de kamer en de verbrandingsgassen verspreiden zich in dezelfde ruimte. Deze toestellen doen de zuurstofconcentratie in de ruimte afnemen, waardoor de verbranding onvolledig wordt en er koolstofmonoxide gevormd wordt. Deze toestellen mogen dus niet continu branden en nooit gebruikt worden om een slaapkamer te verwarmen. Als de ruimte niet anders verwarmd kan worden, is het raadzaam om een elektrisch toestel te gebruiken.

Er zijn al verschillende intoxicaties beschreven door mensen die potjes brandende houtskool in de slaapkamer gezet hadden tegen de koude. Smeulende houtskool produceert zeer veel CO en deze praktijk is levensgevaarlijk!

Individuele verwarmingstoestellen

Net zoals in de woonkamer kunnen individuele verwarmingsapparaten in de slaapkamer een CO-intoxicatie veroorzaken, door problemen van onvoldoende ventilatie, een slecht werkend, beschadigd toestel of slechte trek in de schoorsteen, waarbij de verbrandingsgassen terugslaan in de slaapkamer. Ook een vermogen dat te groot is voor de te verwarmen ruimte kan oorzaak zijn van de productie van CO.

De doorgang van een schoorsteen door een muur van de slaapkamer

Er zijn al dodelijke intoxicaties beschreven, omdat er spleten aanwezig waren in de schoorsteen ter hoogte van de slaapkamer. Indien een schoorsteen door de slaapkamer loopt, doen blazen onder het behang of roetvlekken op de muren vermoeden dat de doorgang niet meer luchtdicht is. De schoorsteen moet dan dringend nagekeken en hersteld worden.

De woonkamer

Ongevallen in de woonkamer zijn grotendeels te wijten aan individuele verwarmingsapparaten zoals kolen-, hout-, en oliekachels, gasconvectoren, cassettes, open haarden en toestellen voor bijverwarming op petroleum of gas.

Verplaatsbaar verwarmingstoestel

Een verplaatsbaar verwarmingstoestel is per definitie niet op een schoorsteen aangesloten. Behalve de elektrische verwarmingsapparaten, kunnen al deze toestellen CO afgeven in de ruimte waarin ze zijn opgesteld. Meestal gaat het om toestellen op petroleum of butaangas. Het risico blijft identiek of het nu om een petroleumkachel, een butaangasvuur, een warmtekanon of een warmtestraler gaat. Deze toestellen gebruiken de lucht van de kamer en de verbrandingsgassen verspreiden zich in dezelfde ruimte. Vooral in kleine ruimtes met weinig ventilatie kan dit zeer snel tot hoge CO-concentraties leiden. Deze toestellen doen de zuurstofconcentratie in de ruimte afnemen, waardoor de verbranding onvolledig wordt en er koolstofmonoxide gevormd wordt. Deze toestellen mogen dus nooit continu branden. Dit soort verwarming mag dus nooit gebruikt worden om een verwarmingsapparaat te vervangen, maar alleen als kortstondige bijverwarming.

Ook sfeerhaarden op bio-ethanol verbruiken zuurstof uit de kamer waarin zij branden. Als het zuurstofpeil in de kamer afneemt, zal door onvolledige verbranding CO geproduceerd worden. Deze toetstellen mogen dan ook nooit gebruikt worden als hoofdverwarming.

Ook het gebruik van de barbecue (houtskool of gas) binnenshuis of zelfs in een garage, kan CO-intoxicaties veroorzaken.  

Toestellen aangesloten op een schoorsteen

Voor alle individuele stooktoestellen die in een woonkamer staan, moet je steeds volgende factoren nagaan:

1)    Is er voldoende aanvoer van verse lucht?

2)    Werkt het toestel naar behoren?

3)    Worden de rookgassen voldoende afgevoerd langs de schoorsteen?

Is er voldoende aanvoer van verse lucht?

Van zodra een verwarmingstoestel wordt aangezet, moet men toezien op een goede verluchting van de ruimtes waarin deze functioneren. De verbranding van 1 m3 gas vereist bijvoorbeeld 10 m3 verse lucht. Zo heeft elk verbrandingstoestel zijn eigen noden aan luchttoevoer. 

Wanneer een ruimte onvoldoende geventileerd is, stromen de rookgassen terug in de kamer en ontstaan er condensatieproblemen, door de neerslag van de waterdamp in de rook op muren en vensters. Er ontstaan vochtige plekken op de muren en eventueel kan ook schimmelvorming optreden. Bij het ontstaan van vochtplekken moet men zich de vraag stellen of er wel voldoende ventilatie is voor de verbranding in de toestellen die zich in die ruimte bevinden.

Werkt het toestel naar behoren?

  • Is het vermogen aangepast aan het te verwarmen lokaal?

Bij toestellen aangesloten op een schoorsteen en vooral bij kolen- en houtkachels is het belangrijk om na te gaan of het vermogen aangepast is aan het te verwarmen lokaal. Een kolenkachel lager zetten betekent in feite dat men de opening voor de luchttoevoer kleiner maakt. Zo is er minder zuurstof beschikbaar voor de verbranding en meer productie van CO.

Vraag steeds professioneel advies vooraleer je een toestel koopt. Een vakman (chauffagist of architect) kan berekenen welk vermogen je nodig hebt. Hiervoor houdt hij niet alleen rekening met het volume van de te verwarmen kamer, maar ook met de gemiddelde buitentemperaturen van je streek, de oppervlakte van de vensters, de isolatiecoëfficiënt van de vensters, de ligging t.o.v. het noorden, enz…

  • Wordt de juiste brandstof gebruikt?

Voor een kolenkachel moet men de aangepaste brandstof gebruiken. Kolen bestaan in verschillende afmetingen, die niet in om het even welke kachel mogen gebruikt worden. Er bestaan ook verschillende kwaliteiten. Goedkope kolen produceren vaak veel as. Antraciet is de beste kwaliteit, produceert weinig as en is verkrijgbaar in verschillende afmetingen. Voor een goede verbranding is het noodzakelijk de as minstens één maal per dag te verwijderen en niet te laten opstapelen tot aan het rooster.

Worden de rookgassen voldoende afgevoerd langs de schoorsteen?

  • Aansluiting op de schoorsteen:

Het toestel moet zo dicht mogelijk bij de schoorsteen geplaatst worden. De aansluitingsbuis moet een helling hebben van minstens 5 cm per meter en zo min mogelijk plooien. De aansluiting moet luchtdicht zijn en de inwendige diameter van de buis mag niet kleiner zijn dan die van de kachelpijp.

  • Problemen met de luchtdichtheid van de schoorsteen:

De aanwezigheid van blazen in het behangpapier of sporen van roet op de wanden van de schoorsteen doen de aanwezigheid van spleten in de schoorsteen vermoeden.

  • Vervanging van een toestel:

Als je van toestel of brandstof verandert, vooral als je een kolenkachel vervangt door een gas- of mazoutkachel, kunnen de verbrandingsgassen van gas of mazout het roet in de schoorsteen losmaken, dat zich dan opstapelt in de schoorsteen. Het kan zijn dat de schoorsteen één keer vegen niet volstaat.

Gesloten toestel

Gesloten toestellen gebruiken voor de verbranding lucht die van buiten wordt aangevoerd. Energetisch gezien heeft dit het voordeel dat koude lucht van buiten wordt gebruikt en niet de lucht uit de kamer, die steeds vervangen en opnieuw opgewarmd moet worden. Omdat geen zuurstof uit de leefruimte wordt gebruikt en de verbrandingsgassen naar buiten worden afgevoerd, is het risico op CO-intoxicatie bijna onbestaande.

Pelletkachel

Pelletkachels werken op houtpellets en zijn voorzien van een reservoir. Men kan meestal een volledige zak pellets in de kachel gieten, die dan met een schroef van Archimedes uit het reservoir omhoog worden geschroefd, waarna ze in de verbrandingskamer vallen. Een ventilator zorgt voor extra lucht en een betere verbranding. De pelletkachel heeft geen echte schoorsteen nodig, een afvoer naar buiten volstaat. Zij hebben een kleine inlaat, om verse lucht van buiten aan te zuigen en een grotere opening voor de uitlaat van de rookgassen.

Gaskachel

Er bestaan ook gaskachels met een gesloten circuit (type C toestellen). Het toestel haalt de zuurstof voor de verbranding uit de buitenlucht en de verbrandingsgassen worden rechtstreeks naar buiten afgevoerd. Dit kan via een opening in de buitenmuur. Een schoorsteen is niet noodzakelijk.

Zolder en dak

De zolder

Een kleine rondgang op de zolder van het huis, zeker als je net verhuisd bent, zal je toelaten om de staat van  de schoorsteen te evalueren.

Condensatiesporen op de wand duiden op een trekprobleem, dat zo snel mogelijk moet opgelost worden.

Condensatieproblemen kunnen optreden wanneer men is overgegaan op een verwarmingsketel met hoog rendement. De rookgassen van dergelijke ketels hebben een lagere temperatuur. De verbranding van gas of stookolie produceert ook waterdamp. De hoeveelheid waterdamp die in de lucht kan blijven bij atmosferische druk, neemt af met een dalende temperatuur. Bij een dalende temperatuur van de rookgassen zal de waterdamp overgaan van de gastoestand naar de vloeibare toestand. Dit is condensatie. Condensatie leidt tot vochtigheid in de muren en dit zal de trek in de schoorsteen nadelig beïnvloeden. De oplossing van dit probleem bestaat meestal uit het plaatsen van een afvoerkanaal in de schoorsteen (tuberen).

Eventuele scheurtjes moeten dringend hersteld worden. De aanwezigheid van blazen onder behangpapier of roetsporen op de wand van de schoorsteen wijst meestal ook op het bestaan van scheurtjes.

Bij het bezoek aan de zolder kan eveneens de schouw op het dak gecontroleerd worden. 

Het dak

Bij de inspectie van het dak moet men vooral letten op de uitgang van de schoorsteen:

  • De schoorsteen moet voldoende hoog zijn.
  • De monding van de schoorsteen moet boven de nok van het dak en andere obstakels in de omgeving uitsteken.
  • Het uiteinde van de schoorsteen mag niet in een zone met terugslag uitmonden.
  • De top of de monding van de schoorsteen moet vrij zijn van alle hindernissen.
  • De doorsnede van de schoorsteen mag niet verkleinen ter hoogte van de uitmonding.
  • Decoratieve elementen mogen boven de schoorsteen aangebracht worden, voor zover zij de trek niet nadelig beïnvloeden.
  • Een statische afvoerkap kan de trek bevorderen. Zij is verplicht in een zone met terugslag. 
  • Opgelet voor afvoerkappen met bewegende delen (ronddraaiende aspiratoren) die in panne kunnen vallen en zo een bijkomend obstakel vormen voor de afvoer van de verbrandingsgassen.