CO: juridische aspecten

De huurwet

Juridische problemen rond vergiftiging met koolstofmonoxide komen vooral voor in de relatie tussen huurder en eigenaar van een woning.

In 1991 werd een nieuwe afdeling opgenomen in het Burgerlijk Wetboek in verband met de huur van een woning die dient als hoofdverblijfplaats van de huurder. Dit is de zogenaamde huurwet van 1991. Deze wet bepaalt de essentiële verplichtingen van de verhuurder en de huurder.

Wetgeving periodiek nazicht verwarmingsinstallaties

Deze wetgeving is bedoeld om luchtverontreiniging te voorkomen. Zij is verschillend in de drie gewesten en vertegenwoordigt de omzetting van de Europese Richtlijn 2002/91/EG betreffende de energieprestaties van gebouwen. Deze wetgeving geldt alleen voor centrale stookinstallaties. Momenteel is er voor individuele toestellen zoals badgeisers, gaskachels en mazoutkachels geen wettelijke onderhoudsplicht. Wel moeten deze toestellen beantwoorden aan de Europese of Belgische normen die gelden voor het hele land en moet het onderhoud gebeuren zoals voorgeschreven door de fabrikant van het toestel.

De normen

De normen geven de regels van goed vakmanschap weer die moeten gevolgd worden. De normen in verband met verbrandingstoestellen beschrijven ondermeer:

  •    Hoe en met welke materialen de gasleidingen worden gerealiseerd. 

  •    De eisen waaraan de toestellen zelf moeten voldoen. 

  •    De luchttoevoer voor verbranding en de afvoer van de verbrandingsgassen. 

  •    De ventilatie van de opstellingsruimte.

De tabakswet

In het kader van CO-intoxicatie is deze wet belangrijk omdat de correcte toepassing ervan de intoxicaties in shishabars kan voorkomen. Als de waterpijp wordt gerookt in bar of een café is de tabakswetgeving van toepassing. De naleving ervan wordt opgevolgd door de controledienst Tabak en Alcohol van de FOD Volksgezondheid.

Wet van 22 december 2009 betreffende een algemene regeling voor rookvrije gesloten plaatsen toegankelijk voor het publiek en ter bescherming van werknemers tegen tabaksrook.